227 - De verovering van Mount Everest
Door Yorrick • 12 oktober 2025
Over deze aflevering
In 1953 was er een race naar de top van de wereld. Een Brits team riskeert alles om te proberen als eerste de top van de grootste berg op aarde te bereiken en banen zo een weg voor talloze andere klimmers om hen na te doen. Hoe hebben ze deze onwaarschijnlijke missie kunnen voltooien in een wereld waar er zelfs nog geen internet bestond?
Inhoud
Al tientallen jaren was Groot-Brittannië geobsedeerd door één plek op aarde: de top van de Mount Everest. Na de Noord- en Zuidpool was dit de ‘derde pool’ die ze moesten en zouden veroveren. Talloze Britse expedities hadden al gefaald. De meest legendarische was die van 1924, toen bergbeklimmers George Mallory en Andrew Irvine verdwenen in de wolken, vlak bij de top. Hun lot werd een van de grootste mysteries in de bergsport en hun verhaal een nationale legende. Op de vraag waarom hij de berg wilde beklimmen, antwoordde Mallory ooit simpelweg: “Omdat hij er is.”
Bijna 30 jaar later, in 1953, voelde een nieuw Brits team de druk van de hele natie om deze onafgemaakte klus eindelijk te klaren. De wereld was veranderd. De klassieke route langs de noordkant was niet meer toegankelijk. De expeditie moest nu via de onbekende en gevaarlijke zuidkant in Nepal. Een Zwitsers team had het jaar ervoor al bewezen dat deze route mogelijk was. Ze waren tot op 200 meter van de top geraakt. De Britten wisten: dit was hun laatste kans. Het werd een alles-of-niets-missie.
Een team van tegenpolen
De expeditie werd een enorme operatie met meer dan 400 mensen, tonnen aan materiaal en een sterke focus op wetenschap en planning. De leiding was in handen van Kolonel John Hunt, een militair en een obsessieve planner. Hij bracht een gevoel van militaire precisie en veroveringsdrang in het team. Zijn tegenpool was Edmund Hillary, een bescheiden imker uit Nieuw-Zeeland. Hij was een man van de natuur, met een enorme fysieke kracht en een stille vastberadenheid. Hij had zijn klimvaardigheden grotendeels zelf aangeleerd in de Alpen van zijn thuisland.
Samen met de ervaren Sherpa-gids Tenzing Norgay, die al met de Zwitsers was meegegaan, vormden zij de kern van het team. Hunt’s strategie was om de aanval op de top in twee delen te splitsen. Een eerste team zou de weg verkennen en zo hoog mogelijk proberen te komen. Een tweede team, met de beste klimmers, zou daarna de finale poging wagen. Alles werd tot in de puntjes voorbereid, van de zuurstoftoevoer tot de voeding van de klimmers.
De laatste horde naar de top
Het eerste team bereikte een recordhoogte van 8750 meter, het hoogste punt waar een mens ooit was geweest. Ze zagen de top, maar door problemen met hun experimentele zuurstofapparatuur en pure uitputting moesten ze terugkeren. Hun ‘mislukking’ was echter een strategisch succes. Ze hadden bewezen dat de route haalbaar was en leverden cruciale informatie voor het tweede team: Edmund Hillary en Tenzing Norgay.
Op 29 mei 1953, na een ijskoude nacht in de ‘death zone’ – een hoogte waar het menselijk lichaam begint af te takelen – begonnen Hillary en Tenzing aan hun laatste klim. De finale uitdaging was een verticale rotswand van 12 meter, die later de ‘Hillary Step’ zou gaan heten. Hillary wurmde zich in een smalle spleet tussen de rots en de sneeuw en klom meter voor meter omhoog. Eenmaal boven hees hij Tenzing op. Vanaf dat punt was het pad naar de top makkelijker. Om half twaalf ‘s ochtends stonden ze daar: als eerste mensen ooit op het hoogste punt van de wereld. Na een kwartier op de top, waar ze foto’s maakten en offers achterlieten, begonnen ze aan de afdaling. Het nieuws van hun succes werd via een gecodeerd bericht naar Londen gestuurd en arriveerde perfect op tijd: net voor de kroning van Koningin Elizabeth II. Het was het ultieme kroningsgeschenk voor de natie.